Blog getijden
Volle maan en getijden: zo maakt de maan het springtij.
In het kort
- De zwaartekracht van de maan tilt de oceanen op en vormt twee vloedbergen, waardoor de meeste kusten twee keer per dag hoog water hebben.
- Bij volle en nieuwe maan staan zon en maan op één lijn en tellen hun krachten op: dat is springtij, met extra hoog en extra laag water.
- Valt springtij samen met een maan dicht bij de aarde, zoals rond de supermaan van 22 januari 2027, dan wordt het verschil nog groter.
Sta een keer aan zee als het water zich terugtrekt en kilometers wad droogvalt, en een paar uur later staat datzelfde water weer tegen de dijk. Elke dag komt en gaat het, twee keer, zo betrouwbaar dat je er de klok op gelijk kunt zetten. En de motor achter die enorme beweging staat op bijna vierhonderdduizend kilometer afstand: de maan trekt aan de oceanen van de aarde.
Getijden zijn een van de weinige plekken waar je de zwaartekracht van een ander hemellichaam met je eigen ogen kunt zien. In dit stuk lees je hoe de maan het water optilt, waarom een volle maan samen met de zon voor springtij zorgt, en waarom datzelfde water niets doet met het vocht in je eigen lichaam.
Hoe de maan het water optilt
De maan heeft massa, en alles met massa trekt aan alles om zich heen. De maan trekt dus aan de hele aarde, maar niet overal even hard. De kant van de aarde die naar de maan toe gekeerd staat, is er iets dichterbij dan de kant die van de maan af wijst. En zwaartekracht wordt sterker naarmate je dichterbij komt.
Dat kleine verschil in aantrekkingskracht is de sleutel tot het hele verhaal. Het water aan de maankant wordt net iets harder naar de maan getrokken dan de vaste aarde eronder, en bolt daardoor op: een vloedberg die naar de maan wijst. Tot zover klopt het met je gevoel. Het verrassende zit aan de andere kant.
Aan de van de maan afgekeerde kant gebeurt namelijk het omgekeerde. Daar trekt de maan het zwakst, want dat water zit het verst weg. De vaste aarde in het midden wordt harder naar de maan getrokken dan dat verre water, en wordt er als het ware onder vandaan getrokken. Het gevolg is dat het water aan de achterkant achterblijft en óók opbolt, maar dan van de maan af. Zo ontstaan er niet één maar twee vloedbergen, aan weerszijden van de aarde.
Die twee bergen staan min of meer stil ten opzichte van de maan. De aarde draait er in ongeveer een etmaal onderdoor. Woon je aan de kust, dan draai jij dus door beide bergen heen: eerst hoog water, dan laag, dan weer hoog, dan weer laag. Daarom hebben de meeste kusten twee keer per etmaal hoog water. En omdat de maan zelf ook een stukje verder langs haar baan is geschoven, valt hoog water elke dag ongeveer vijftig minuten later dan de dag ervoor. Wie wil begrijpen waarom de maan zo veel dagelijkse invloed heeft en toch elke maand verandert, vindt de basis in wat een volle maan precies is.
Springtij en doodtij
De maan is de baas over de getijden, maar ze staat er niet alleen voor. Ook de zon trekt aan de oceanen. De zon is onvoorstelbaar veel zwaarder dan de maan, maar staat ook veel verder weg, en juist die afstand telt zwaar mee. Onder de streep is de invloed van de zon op de getijden kleiner dan die van de maan, ongeveer de helft ervan. Groot genoeg om verschil te maken, niet groot genoeg om de baas te spelen.
Wat de zon doet, hangt af van waar ze staat ten opzichte van de maan. En dat verandert met de maanstand. Bij volle maan staat de aarde tussen de zon en de maan in, bij nieuwe maan staat de maan tussen de zon en de aarde. In allebei de gevallen staan zon, aarde en maan op één lijn. Hun getijdenkrachten wijzen dan dezelfde kant op en tellen bij elkaar op. Het resultaat: extra hoge vloedbergen en extra diepe dalen ertussen. Het hoge water komt hoger dan normaal, het lage water zakt verder weg dan normaal. Dat is springtij.
Een week later, rond het eerste of laatste kwartier, staat de maan onder een rechte hoek ten opzichte van de zon. Nu trekt de zon aan het water op de plekken waar de maan het juist laat zakken. Ze werken tegen elkaar in en vlakken elkaar deels uit. Het verschil tussen hoog en laag water is dan het kleinst. Dat heet doodtij.
Zo krijg je een vast ritme dat over de maanstand heen ligt: rond volle en nieuwe maan springtij met de grootste verschillen, rond de kwartieren doodtij met de kleinste. In de praktijk loopt het getij hier een beetje op achter. Aan de Nederlandse kust komt het springtij meestal pas een dag of twee ná het exacte moment van volle of nieuwe maan, doordat het water tijd nodig heeft om te reageren.
Waarom een volle maan extra hoog water kan geven
Springtij zorgt dus al voor extra hoog water. Maar er is nog een knop waaraan gedraaid kan worden: de afstand van de maan. De maan draait niet in een perfecte cirkel om de aarde, maar in een ovaal. Soms staat ze verder weg, soms dichterbij. Het punt waarop ze het dichtst bij de aarde staat, heet het perigeum. En dichterbij betekent een sterkere aantrekkingskracht, dus hogere vloedbergen.
Nu wordt het interessant. Valt een springtij toevallig samen met een maan die vlak bij haar perigeum staat, dan stapelen twee effecten op elkaar: de lijnopstelling van zon en maan én de korte afstand. Het verschil tussen hoog en laag water wordt dan groter dan bij een gewoon springtij. Zeelieden en kustbeheerders noemen dit een koningsgetij of, wat deftiger, een perigeum-springtij.
Springtij zet de krachten van zon en maan op één lijn. Staat de maan dan ook nog dicht bij de aarde, dan tilt ze het water net dat beetje hoger op. Zo ontstaat het koningsgetij.
Een maan dicht bij de aarde is precies wat een supermaan zo bijzonder maakt: dat is een volle maan die samenvalt met het perigeum, en dus groter en helderder oogt dan gewoon. In 2027 is er maar één, en het is meteen de dichtstbijzijnde en helderste van het jaar: de supermaan van 22 januari 2027. Rond zo’n moment liggen springtij en een nabije maan dicht bij elkaar, en kan het water aan de kust net wat hoger komen dan je van een doorsnee volle maan zou verwachten. Spectaculaire overstromingen hoef je er in Nederland niet van te verwachten, maar op de getijdentabel is het verschil goed te zien.
Getijden in Nederland
Nergens in Nederland zie je het spel van eb en vloed zo duidelijk als in de Waddenzee. Bij laag water valt een groot deel van de zee droog en verandert in glimmende wadplaten waar je overheen kunt lopen; bij hoog water staat alles weer onder. Twee keer per etmaal ademt die hele zee in en uit, en bij springtij is die ademhaling het diepst.
Dat is niet alleen mooi om te zien, het is ook van praktisch belang. Voor de scheepvaart is het getij bittere noodzaak: schepen met veel diepgang kunnen sommige geulen en havens alleen in of uit rond hoog water. Wie de veren en de vaargeulen tussen de eilanden gebruikt, plant zijn tijden op de getijdentabel. En bij springtij, met het extra lage water, moet je juist extra opletten dat je niet droogvalt.
Ook voor de kustveiligheid telt het getij mee. De echte dreiging ontstaat als een springtij samenvalt met een zware noordwesterstorm die het water tegen de kust opstuwt. Dan tellen het hoge astronomische getij en de opgejaagde watermassa bij elkaar op, en dat is precies het soort combinatie waar dijken, keringen en waarschuwingssystemen op berekend zijn. De maan alleen verzuipt Nederland niet, maar ze bepaalt wel de bovengrens waar een storm nog bovenop komt. Voor wie aan zee woont of vaart, is de maanstand daarom geen folklore maar gewoon informatie.
Beïnvloedt de maan ook jou?
Als de maan hele oceanen kan optillen, doet ze dan ook iets met het water in je lijf? Je hoort het vaak: je lichaam bestaat voor het grootste deel uit water, dus de maan zou er wel aan moeten trekken. Het klinkt logisch, en het is toch niet waar.
De denkfout zit in het idee dat het om de hoeveelheid water gaat. Dat is niet zo. De getijdenkracht ontstaat niet doordat er water is, maar doordat de aantrekkingskracht van de maan verschilt tussen de dichtstbijzijnde en de verste kant van een voorwerp. Bij een oceaan die duizenden kilometers breed is, is dat verschil merkbaar, en over al dat water bij elkaar telt het op tot een vloedberg. Bij iets kleins is het verschil er ook, maar zó minuscuul dat er niets van te merken valt.
En klein ben jij, kosmisch gezien. Van je kruin tot je voeten is een meter of wat. Over die afstand is het verschil in de aantrekkingskracht van de maan zo verwaarloosbaar klein dat geen enkel instrument het uit de ruis kan halen, laat staan je lichaam. Zelfs een groot meer laat nauwelijks getij zien; een glas water al helemaal niet. Dat het menselijk lichaam veel water bevat, verandert daar niets aan: te klein is te klein.
Dat maakt de maan niet minder de moeite waard. Ze stuurt de zeeën van een hele planeet aan, ze bepaalt wanneer het wad droogvalt en wanneer de veerboot kan varen, en ze doet dat maand in maand uit met dezelfde vanzelfsprekendheid. Dat is genoeg wonder zonder dat er een mysterieuze kracht op jouw lichaam bij hoeft.
Wil je zien wanneer het volgende springtij eraan komt, kijk dan naar de maanstand. Rond elke volle en nieuwe maan is het raak. De volgende die er echt uitspringt, is de supermaan van 22 januari 2027, als springtij en een nabije maan samenvallen. Alle volle manen van het jaar, met datum en tijd, vind je in de vollemaankalender 2027; daarmee weet je precies wanneer de maan het water aan onze kust weer het hoogst optilt.
Veelgestelde vragen
In het kort.
Is het hoog water bij volle maan?
Rond volle maan is het verschil tussen hoog en laag water groter dan normaal: het hoge water komt extra hoog en het lage water zakt extra ver weg. Dat heet springtij. Het exacte moment van hoog water hangt niet af van de volle maan zelf, maar van de stand van de maan boven jouw kust, twee keer per etmaal. In Nederland loopt het springtij meestal een dag of twee achter op de volle maan.
Wat is springtij?
Springtij is het getij met het grootste verschil tussen hoog en laag water. Het ontstaat bij volle en nieuwe maan, wanneer de zon, de aarde en de maan op één lijn staan en de getijdenkrachten van zon en maan bij elkaar optellen. Het tegenovergestelde heet doodtij, rond het eerste en laatste kwartier, wanneer het verschil juist klein is.
Waarom is er twee keer per dag eb en vloed?
De maan tilt de oceaan op tot twee vloedbergen: een aan de kant van de maan en een aan de andere kant van de aarde. De aarde draait in ongeveer een etmaal om haar as en schuift onder die twee bergen door. Daardoor passeert de meeste kust twee keer hoog water en twee keer laag water, steeds ongeveer vijftig minuten later dan de dag ervoor.
Trekt de maan aan het water in je lichaam?
Nee, niet meetbaar. De getijdenkracht hangt niet af van hoeveel water iets bevat, maar van hoe groot het is. Een oceaan is duizenden kilometers breed, dus de aantrekkingskracht van de maan verschilt merkbaar van de ene naar de andere kant. Een mens is ruim een meter groot; dat verschil is zo klein dat het volledig wegvalt.